Zorgplicht van de school en regelgeving

De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte verplicht de school om binnen redelijke grenzen in onderwijs en toetsing belemmeringen weg te nemen die de leerling met een handicap of chronische ziekte door zijn beperking ondervindt.

Aanpassing wijze van toetsing

In het Toetsbesluit primair onderwijs (Toetsbesluit po) wordt in lijn met deze wet kaders gegeven voor aanpassing van de wijze van toetsing voor leerlingen met een ondersteuningsbehoefte. Het Toetsbesluit po geeft echter geen volledige opsomming van mogelijke of noodzakelijke aanpassingen. In het Toetsreglement Centrale Eindtoets werkt het CvTE dit Toetsbesluit po concreter uit.

Het CvTE schrijft geen hulpmiddelen of aanpassingen voor en bepaalt niet welke leerling voor welke aanpassing in aanmerking komt. Het CvTE schrijft de kaders voor waarbinnen een school keuzes kan maken voor een doeltreffende aanpassing voor de leerling met ondersteuningsbehoefte. De beslissing of een leerling gebruik mag maken van een aangepaste afnamevorm is aan de (directeur van de) school.

Samengevat

Een school heeft de plicht om na te gaan of en welke aanpassingen mogelijk zijn.
Wat kan (moet) een school doen?

  • Nagaan of de leerling door zijn beperking in onderwijs en/ of toetsing belemmeringen ondervindt.
  • Nagaan of doeltreffende aanpassingen mogelijk zijn die maken dat de leerling beter in staat wordt gesteld te laten zien in welke mate hij de te toetsen vaardigheden beheerst.
  • Als binnen de aangeboden aangepaste varianten geen doeltreffende aanpassing mogelijk lijkt, contact opnemen met de helpdesk van de Centrale Eindtoets¬†via info@centraleeindtoetspo.nl.

Wat kan (mag) een school niet doen?

  • opgaven schrappen
  • opgaven wijzigen
  • hulpmateriaal (bijvoorbeeld spellingkaarten en/of rekenkaarten) ophangen
  • rekenmachine beschikbaar stellen
  • opgaven voorlezen
  • mondelinge toelichting geven op het maken van een opgave.

Toezicht Inspectie van het Onderwijs

De inspectie kan (achteraf) nagaan of een school zich bij de afname van de eindtoets voldoende rekenschap heeft gegeven van belemmeringen voor leerlingen met ondersteuningsbehoeften. Ook kan de inspectie nagaan of de school zich heeft gehouden aan de kaders van het CvTE en of een school misschien aanpassingen heeft toegekend aan leerlingen voor wie de aanpassingen niet zijn bedoeld.